Sporten, ook zoiets. De Deen rookt, drinkt en eet zich gretig een weg omhoog in de kankerstatistieken, maar sporten, dat doet hij wél. Het straatbeeld wordt bevolkt door hardlopers, fietsers, of mensen die zich gewoon voor de vorm in kekke sportjackjes of loopschoenen hebben gehuld. Dit land heeft (per inwoner) de meeste marathonlopers ter wereld.

Als je hier schoorvoetend toegeeft dat je -nee, sorry- eigenlijk niets aan sport doet, dan ben je eigenlijk een beetje een luilak.

Wellicht is het voor de Denen een manier om hun hedonisme af te kopen.

Maar dit weekend maakten ze het wel heel bont.

Deze keer was het geen marathon, maar een megatriatlon: eerst 4 kilometer zwemmen, daarna 180 kilometer fietsen en daarna nog eens een volledige marathon. In 1 dag.

16 uur vermaak 

Dit grapje wordt op een aantal plaatsen in de wereld jaarlijks herhaald onder de veelzeggende titel Ironman. Kopenhagen huisvest een van de grootste Ironman evenementen in Europa, met 3000 deelnemers uit noordeuropa en een paar omringende landen. Ze strijden om een startbewijs voor de race der races: de Ironman op Hawaii. Het evenement was een jaar vantevoren in 6 uur tijd uitverkocht. Een startbewijs kost 500 euro.

Voor dit bedrag word je de hele dag beziggehouden: de start is om 7 uur ‘s ochtends en je krijgt tot 11 uur ‘s avonds de tijd om te finishen (de winnaars doen er zo’n 8 uur over). Voor ons, relatieve luilakken, is zo’n urenlang durend sportevenement een groot voordeel. Het komt immers niet op een minuut: je hebt de hele dag de tijd om je (met de metro) een weg naar het parcours te banen en de deelnemers van je keuze aan te moedigen.

IJzeren typetjes

Een servicepunt tussendoor. Met water, muziek en support.

Een servicepunt tussendoor. Met water, muziek en support.

Toen wij aan het einde van de dag nog wat tijd over hadden, togen wij dus naar de stad, om het marathononderdeel te kijken. Omdat wij voor de kleine zeemeermin stonden, en het parcours vier keer langs de waterkant ging, konden wij alle deelnemers vanaf onze A-lokatie in viervoud bestuderen.

En dan zie je van alles voorbijkomen. Van trotse gezichten, zwetende lijven, verwonde schouderpartijen, huilers, semi-ingestorten tot frisse hoentjes. Voor je het weet, sta je ze urenlang gefascineerd te bestuderen:

  • Onze vriendin C., die bij iedere 10 kilometer weliswaar vermoeider liep, maar blijer ging kijken. Ze was er immers -na 10 uur beulen- bijna!
  • Persoonlijke-missie-strijders, die van het voltooien van een Ironman een kruistocht tegen hun oude zelf hebben gemaakt. Het bereiken van de finish zien ze als een overwinning op, tja, iets waarmee ze nog wilden afrekenen. Je herkent ze aan de laatste restjes overtollig vet in de buikregio. Of een ander litteken-achtig iets.
  • De routiniers die eigenlijk niets liever doen dan elke zondag zo’n martelparcours afleggen. Ik vermoed dat ze zich, door dat te doen, vele uren en euro’s bij een psycholoog besparen.
  • De avonturiers die blijmoedig en ietwat naïef denken ‘je moet alles een keer gedaan hebben!’. Enige sportiviteit is vereist, uiteraard, maar verder herken je ze aan de combinatie van een ietwat vermoeide tred met een uitermate blij en optimistisch gezicht, omdat ze ‘al over de helft’ zijn. Een beetje zoals onze vriendin C. Deze zijn het leukst om aan te moedigen, want staan open voor alle vormen van support (‘ziet er goed uit!’ werkt geweldig, ook al loopt iemand overduidelijk op zijn laatste streepje tandvlees).
  • En dan is er nog een speciale categorie: de strijders met een bijzonder verhaal. We zagen hem al vrij snel: de man die zijn broer voortduwde. Ze maakten naam als Team Tvilling, en haalden meteen alle kranten. Een van de broers had bij de geboorte zuurstofgebrek opgelopen, en was daardoor fysiek beperkt. De andere broer had zich voorgenomen zijn broer een Ironman te laten meemaken, en zwom, fietste en liep met hem in een raft, fietsrolstoel en hardlooprolstoel. De gehele race. Bekijk hier de indrukwekkende fotogalerij van de race van de twee broers.

Waarom de broers dit deden? “We willen aandacht vragen voor het feit dat rolstoelgebruikers veel meer kunnen dan ze denken. Het gaat in het leven om mogelijkheden, niet om beperkingen.”

Dat lijkt me een beter excuus dan het afkopen van een schuldgevoel of het ontlopen van een psycholoog.

Misschien moet ik ook weer eens een rondje gaan hardlopen. Op van die kekke schoenen.