klein Deens geluk

Grote en kleine inspiratie uit het gelukkigste land. Van smørrebrød tot windenergie.

Glühwein met een lepel

Samuel Johnson, auteur van het eerste Engelse woordenboek, schreef “Claret is the drink for boys, port for men, but he who aspires to be a hero must drink brandy.” Volgens die definitie maakt Scandinavische glögg ons tot heiligen, aldus de schrijver van een jubel-artikel over Glögg in Huffington Post. In glögg zit het namelijk alledrie.

Glögg is -velen zijn het eens met de Huffington Post-schrijver- niet zomaar een drankje. Het helpt tegen alles dat je maar dwars zit. Het zit vol lekkere kruiden en specerijen, het is warm en daarom uitermate geschikt om je op koude winterdagen na het skiën of sneeuwschuiven op te kikkeren, ‘warming the body and soul from inside out’. Bovendien is het gezellig: al tandenklapperend boven een dampende kop glögg de dag doornemen met je vrienden. Hoe meer glögg, hoe minder je tanden klapperen. Klinkt al bijna heilig, toch?

Medicinaal spul
De Grieken en Romeinen begonnen ermee, eigenlijk vooral omdat ze dachten dat het gezond was: ‘to mull wine’. Het komt erop neer dat je kruiden en specerijen aan de wijn toevoegt en hem vervolgens  verwarmt. Koning Gustav I van Zweden nam het mee naar Scandinavië. Hij was een groot fan van de Duitse versie, waarin wijn, suiker, honing, kaneel, kardemom en kruidnagel verwerkt zat. Het werd ‘glödgad vin’ (gloeiend hete wijn) genoemd en daarna verkort naar glögg (gløgg in het Deens). Aan het einde van de 19e eeuw begon men het drankje op veel plaatsen in noordwesteuropa in verband te brengen met kerst, maar niet zonder enthousiast melding te blijven maken van de gezondheidsvoordelen. Vooral de pijnverlichtende werking bleef overtuigen, om begrijpelijke redenen. De Duitse (Glühwein)versie is vaak alleen op basis van wijn, maar in Finland zit er wodka in, in Zweden aquavit, in Ierland whisky, etcetera. Eigenlijk zijn er zoveel recepten als mensen die het drinken.

Wijn met een lepel
De hedendaagse Scandinavische versie, die je in de aanloop naar kerst bij stalletjes en in cafés treft, bevat naast allerlei soorten alcohol in ieder geval ook vaak kaneel, kruidnagel, kardemom, sinaasappelschil, amandelen en rozijnen. Die laatste dingen maken dat je er altijd een lepeltje bijkrijgt, om de amandelstukjes en rozijnen naar binnen te lepelen.

Recept voor een opkikker van lichaam en geest

Ingrediënten:

  • fles eenvoudige rode wijn
  • fles rode port
  • 375 ml eenvoudige brandy
  • 10 centimeter kaneelstokjes op een rij
  • 1 theelepel kardemomzaadjes (géén poeder)
  • 12 kruidnagelen
  • schil van een sinaasappel, schoongemaakt
  • 1/4 kop donkere rozijnen
  • 1/2 kop amandelen, zonder schil (géén gerookte of gezouten amandelen)
  • 1 kop suiker
  • voor de garnering: nog een sinaasappelschil

Wat te doen
1. Giet de rode wijn en port in een roestvrijstalen of porseleinen pan en doe de kaneel, kardemom, kruidnagel, sinaasappelschil, rozijnen en amandelen erbij. Deksel erop en op laag vuur zetten.

2. Doe de suiker met de brandy in een andere pan en kook zachtjes tot alle suiker is opgenomen en het een bruine siroop wordt. Als na 15 minuten sudderen de kleine luchtbelletjes steeds groter worden, begint de suiker te carameliseren.

3. Nu kun je de suikersiroop aan de wijnmix toevoegen. Doe het deksel er weer op en laat het een uur op laag vuur staan. Proef en voeg eventueel meer brandy of suiker toe.

4. Serveren doe je natuurlijk warm, en je kunt de amandelen, rozijnen en specerijen eruit filteren, of ze erin laten, voor het echt Scandinavische lepel-effect. Stukje sinaasappelschil over de rand van je beker en het is helemaal af.

Glaedelig jul!

« »

© 2018 klein Deens geluk. Theme by Anders Norén.