klein Deens geluk

Grote en kleine inspiratie uit het gelukkigste land. Van smørrebrød tot windenergie.

Het regime van de børnehave

Waar ook ter wereld, peuters zijn peuters, kleuters zijn kleuters, zou je denken. Ergens is dat waar natuurlijk, maar als me iets duidelijk is geworden de laatste jaren, dan is het wel dit.

Er is geen levensfase waarin het land waar je woont zo bepalend is voor dagelijkse routines als de jonge-kinder-fase. Als gezin ben je compleet overgeleverd aan landspecifieke politieke- en beleidstoestanden.

Een studentenleven kun je -waar dan ook- vaak inrichten zo je wilt. Een werkend leven evenzo. Maar een leven met kinderen? Opvangmogelijkheden, financiën, kwaliteit van opvang, blijf je allebei werken en zoja, hoeveel: al die dingen lijken principekwesties, maar uiteindelijk denk ik dat vooral landelijke mores (zowel cultuur als beleid) bepalen welke keuzes je daarin maakt.

Onze dreumes is inmiddels 3, nummer twee is onderweg, en ons dagelijks leven ziet er best anders uit dan dat van mijn Nederlandse vrienden met jonge kinderen. Het ziet er waarschijnlijk ook heel anders uit vergeleken met wanneer ikzelf in Nederland een gezin had gesticht.

Ik schreef al eerder over de verlofgewoonten, en de tenhemelschreiende opvang-toestanden bij de gemeente, niet gehinderd door enige vorm van prestatiedrang. Ik schreef ook over hoe geweldig goed het allemaal kwam toen het eenmaal goed kwam (Christina we luf joe). Als ik de tijd en inspiratie vind, kan ik ook boeken volschrijven over voltijdsdwang of family-first (elke dag om half vier weg van je werk, hoepla).

De voorschool, of Fröbeltijd

Maar vandaag wil ik het hebben over de fase na Christina, waar we zo’n 3 maanden geleden in kwamen: de børnehave. De kindergarten. Voor kinderen van 3 tot 6. Met iets meer uitdaging dan de creche, maar tegelijkertijd een plek om treinrails te bouwen, tekenen, klimmen, klauteren, appels te plukken, en vooral veel te praten en samen te spelen.

De Denen volgen de filosofie van de Duitse pedagoog Fröbel: tot je zesde jaar is school nergens voor nodig, maar leer je spelend. En tot drie jaar heb je niet veel meer nodig dan stabiliteit en het aanleren van basis sociale vaardigheden. Vandaar de opdeling in 1 tot 3 jaar (creche) en 3 tot 6 jaar (kindergarten).

Zes themas:

Zes thema’s: persoonlijke ontwikkeling, sociale vaardigheden, taal, lijf en beweging, culturele uitingen en waarden, natuur en natuurfenomenen.

Dat betekent echter geenszins dat het vrijheid-blijheid is, op de nieuwe børnehave. Vooral de ouders moeten in het gareel. Het blijft wel Denemarken natuurlijk.

Groepen van 18

Een ‘stue’ (kamer) bestaat uit 18 kinderen. Iedere stue heeft zijn eigen naam. De stue van onze peuter heet de troldestue (de trollenkamer). Volgens mij heeft elke børnehave een troldestue, trouwens. Erg vindingrijk zijn ze niet, die opvang-ambtenaren. Op een groep zitten in ieder geval twee volwassenen, en tijdens de drukke uren van de dag soms drie. Een van de drie volwassenen is altijd opgeleid tot pedagoog, op HBO-niveau. Activiteiten worden meestal met alle leeftijden door elkaar gedaan, zodat de kinderen van elkaar kunnen leren, en soms worden de 3- en 4-jarigen bij elkaar gezet, evenals de 5- en 6-jarigen.

Een strak, vijfdaags regime

Een van de dingen waar mijn Nederlandse vrienden en familie maar niet aan kunnen wennen (getuige de steeds terugkerend vraag), is dat je je kinderen hier gewoon vijf dagen per week naar de opvang brengt. Vanaf dat ze een jaar zijn (daarvoor heeft mama 10 maanden verlof en neemt papa nog 1 of 2 maandjes vakantie) gaan ze vijf dagen naar de creche, en vanaf drie jaar dus naar de kindergarten. Onze dreumes vindt het leuk, ze heeft er veel vrienden, en ze zou niet de eerste zijn die op de kindergarten zulke hechte vriendschappen sluit dat ze levenslang duren.

De Deense overheid ziet het als haar taak om kinderen te socialiseren: pedagogiek is iets dat je door professionals laat doen, ouders zijn er voor de gezelligheid en de familieband. En om te parentshamen natuurlijk (‘ze had geen fruit mee vandaag!’).

En wij? Wij stonden er nooit bij stil. Iedereen werkt vijf dagen en stuurt zijn kind vijf dagen naar de opvang. Een ratrace? Ja. Het is veel. Brengen, ophalen, eten maken, op tijd in bed, sociaal leven. Maar we hebben in ieder geval een heerlijk vaste routine en geen gepuzzel met deeltijdwerk, opa- en omadagen, thuiswerkdagen, verschillende slaapritmes op opvang versus thuis (het opvangritme wordt automatisch het thuisritme) en bovendien hebben we lange middagen met ons kind (we kunnen immers zonder problemen om half 4 weg).

Dit betekent overigens niet dat deeltijdwerken niet op ons wensenlijstje staat. Het is gewoon ietwat onrealistisch.

Brood smeren

De madpakke. De broodtrommel. Er is geen beter symbool dan dat voor een kind dat de babyfase is ontgroeid, want tegen de tijd dat ze naar de børnehave gaan, krijgen ze een eigen broodtrommel voor de lunch aldaar. Belangrijke aankoop dus, voor een peuter, en een mooie kans om de eigen smaak voor het eerst te uiten, ware het niet dat de børnehave wil dat hij vierkant is en stapelbaar, want anders passen ze niet alle 60 in de koelkast, dus het komt erop neer dat alle kinderen een roze of blauwgroene Sistemabox hebben met een naamsticker erop.

Wat mag wel en niet in een Deense lunchtrommel

Onze peuter heeft overigens -heel afwijkend- een Minions-trommel. Niet omdat ze fan is, maar omdat hij geel is, en geel is geweldig (bijna zo geweldig als roze). En ja, hij is stapelbaar.

De inhoud van die madpakke is nog wel een wetenschap apart. De børnehave heeft een inspiratiemap waarin je kunt kijken, maar uiteindelijk komt het neer op brood met kaas of worst, komkommer of tomaat, en fruit. Al het lekkere zoals snoep, nutella, yoghurt, mueslirepen: het is verboden. En voor uitstapjes gelden dan nog weer extra regels: geen brood met salades die gaan stinken of van de boterham kunnen vallen, en liefst ‘klapsammen’: dubbelgevouwen.

En denk eraan: de rugzak moet aan de voorkant vast te klikken zijn, voor tijdens het wandelen.

Oja en dan is er ook nog de frugtpose: het fruitzakje. Wij gaven de peuter de eerste week fruit mee in losse bakjes. Helemaal fout. We moesten een speciaal daarvoor aangewezen fruitzakje aanschaffen want nee een appel doe je niet in een Minions-bakje.

Het gele lunchpakket

Suiker

Naast alle voorschriften over lunchpakketten en rugtassen schroomt mevrouw de directrice van de børnehave niet om in het welkomstboekje een apart hoofdstuk te wijden aan suiker. Hoewel er al een statement gemaakt was over suiker in de Sistema-box, benadrukt ze nog even apart hoe sterk ze afraden dat je kind thuis suiker krijgt.

“6 van de 10 kinderen krijgt thuis teveel suiker.”

(ja, Denen zijn doorgeslagen, dat klopt)

“Maximaal 10% van de dagelijkse energievoorziening mag uit suiker komen.”

(wat dat ook moge betekenen)

Niet dat ik het oneens ben hoor. Maar ouders opdragen wat ze thuis moeten doen? Houd op met me.

Vroeg, vroeger, vroegst

Dan is er ook het aspect tijd. Aan de meeste Deense gekkigheden ben ik inmiddels wel zo’n beetje gewend, maar de A-mennesker die Denen massaal lijken te zijn, daar kan ik echt he-le-maal niks mee. A-mennesker zijn ochtendmensen, in tegenstelling tot B-mennesker zoals wijzelf, die pas rond 7 uur of half 8 hun ogen openen. Zo niet de Deen. Nee, die heeft zijn kind om half 6 wakker, staat om 7 uur voor de deur van de opvang, om om half 8 op kantoor binnen te lopen. En haalt dat kind dus om 15 uur weer op.

Zo gebeurt het dus dat wij ‘s middags om half 5 altijd de laatsten zijn. Zelfs al gaat de opvang pas om 17 uur dicht, zit ze daar een half uur voor sluitingstijd al in haar eentje, een tekening te maken met de laatste pedagoog. De assistent-pedagoog heeft alles al aangeveegd, de stoelen opgestapeld, lichten uitgedaan. Het voelt altijd zo droevig, maar het is echt een onmogelijk ritme, waar die Denen inzitten. Op vrijdag gaat de opvang zelfs om kwart voor vier dicht. Ik moet dan dus om drie uur weg van mijn werk, want als ik om 1 minuut voor sluitingstijd gehaast binnen kom lopen, krijg ik kwaaie blikken (‘als je hier niet om 15.45 de deur uit bent moeten we overwerken en dat mag niet’).

Soms denk ik weleens: Denemarken is een fijn land, maar er zouden geen Denen moeten wonen.

kleuterschool in denemarken

We hebben hier de liefste kinderen van Denemarken. Doe de deur dicht zodat we ze niet kwijtraken!

« »

© 2020 klein Deens geluk. Theme by Anders Norén.