Stel.

> Je bent maar héél even in Denemarken en hebt (etensgewijs) dus geen tijd om je een weg te banen naar New Nordic Cuisine-centrum noma of voedselparadijs Torvehallerne om te proeven van al het lekkers hier.

> Je wilt toch graag iets héél Deens proeven. Danwel meemaken. En snel een beetje.

> Het moet makkelijk verkrijgbaar zijn.

> En je eet, net als de Denen, natúúrlijk graag gezond, maar alleen als het niet teveel in de weg zit van je aangeboren voorkeur voor zoet/vet/zout.

Dan eet je pølse (worst). Ook als alle voorgaande redenen niet opgaan, moet je het een keer proberen, trouwens. Maar dan heeft het minder haast.

Het is niet dat pølse nou zo vreselijk lekker of bijzonder zijn. Neuh. Pølse is het equivalent van een hotdog: mild gekruid varkensvlees, gekookt en (in het geval van rødpølse) gepresenteerd in een rood velletje. Hij wordt geserveerd op brood, met typisch Deense dingen als augurk, remoulade en gebakken ui. Of mosterd.

pølse met deense ingrediënten

Pølse met alles erop en eraan

Le pain versus en pølse
Het is meer het concept. Dat maakt de pølse zo Deens als het stokbrood Frans is. De bakker, of in dit geval de worstekraam, vind je op iedere straathoek, en de vakman/vrouw heeft in de loop der jaren een gestage klantenkring opgebouwd in zijn eigen buurt. Zijn/haar naam staat zelfs op de voorgevel. De winkel is gespecialiseerd in één product, in allerlei verschillende smaken. Er is alleen 1 verschil met de boulangerie: de pølsevogn (worstekraam) is mobiel, en wordt dus bij nacht en ontij als een handkarretje versleept.

Pølsewagen Nørreport

Pølsewagen bij Nørreport station

Duitse worst
De oorsprong van de pølsevogn is, hoe kan het ook anders bij een worstproduct, Duits. Tijdens en na de eerste wereldoorlog zag je in Duitsland, vooral Berlijn, overal mobiele worstekramen. Dat wilden de Denen ook, want dat was gezellig, zo samen, buiten, met een worstje in de hand! Helaas: daar stemde de politiek niet zomaar mee in. Teveel concurrentie voor de restaurants, en het zou er maar armoedig uitzien, mensen die op straat worst aan het eten waren. Zo vond men toentertijd. Maar in 1920 kwam de toestemming alsnog, en in de loop der jaren groeide het areaal worstekarretjes snel. De hoogtijdagen waren in de jaren ’50 en ’60, maar daarna kwam de concurrentie van fastfoodrestaurants en zakte het aantal langzaam terug.

Exportproduct
Het idee achter de worst uit een koperen ketel op wieltjes werd ook geëxporteerd. Om ongebrijpelijke redenen staan er zo’n 130 wagentjes in Rusland, maar ze zijn ook te vinden in Noorwegen, Zweden, Finland, het VK, Spanje en zelfs Singapore. Er zijn zelfs groepen Deense reizigers die hun eigen pølsevogn meenemen, op een sponsortocht voor het goede doel of voor eigen gebruik tijdens een groot evenement als bijvoorbeeld Le Mans.

Worstenromantiek
Inmiddels is de romantiek van de slager die iedere dag met zijn handgedreven karretje op pad gaat om worstjes te verkopen, ietwat achterhaald. De meeste kramen zijn onderdeel van vleesgiganten als Danish Crown of Tulip, en hebben een moderne water- en elektriciteitsvoorziening die ze elk etmaal opladen/verversen. Wel gaan de meeste wagens in grotere steden ‘s avonds nog steeds terug naar een berging. Dat transport gebeurt met behulp van een motortje, zodat de worstverkoper zijn kraam niet op eigen kracht hoeft te verslepen. Het kan dus zomaar gebeuren dat je ‘s avonds laat met je fiets een tijdje achter een moeizaam manouvrerende pølsevogn blijft steken.

De wagen verdwijnt
Er is alleen 1 probleem: ook dit laatste restje overgebleven pølseromantiek dreigt uit het straatbeeld te verdwijgen. De gemiddelde klant is 40, man, en weinig bezorgd om zijn gezondheid. Dat is -om allerlei redenen- een uitstervend ras. Vandaag de dag zijn er dan ook nog maar 100 wagentjes in het hele land, tegen 700 in 1970. En dat is zorgelijk, want het hoort (zie de boulangerie) bij het straatbeeld in Denemarken. Daarom zijn er nu partijen die zich inzetten voor het behoud van de pølsevogn. “Ze moeten mee met hun tijd, en gezonde en internationale dingen gaan verkopen! Zoals sushi en meergranenbrood bijvoorbeeld!” Of juist: “Nee, er moet kebab bij!”.

menu pølsevogn

Menu pølsevogn: worst, worst en worst. En cola.

Mijn advies aan wie authentiek Denemarken zoekt: kom zo snel mogelijk, vóór de pølsemænd helemaal is uitgestorven.